Centrum voor
Religie en Recht
Centrum voor
Religie en Recht

Vrijdagmiddaglezing 15-04-2016Twee prikkelende bijdragen droegen afgelopen vrijdag, 15 april, bij aan een goed en stevig debat tijdens de Vrijdagmiddaglezing van het Centrum voor Religie en Recht van de Vrije Universiteit Amsterdam. Het ging over het recente voorstel van D66 om de woorden ‘bij de gratie Gods’ uit de wetten te schrappen. Deze woorden zouden in strijd zijn met de scheiding van kerk en staat. Wetten beginnen steevast met de woorden: “Wij, Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden...”

Zowel de woorden van prof. mr. Jan-Willem Sap (Faculteit der Rechtsgeleerdheid VU) als van prof. dr. Ruard Ganzevoort (Faculteit der Godgeleerdheid VU, en senator Groen Links) mondden uit in een prachtig gesprek. Sap liet in zijn lezing getiteld ‘Dank aan God voor de vrijheid’ aan de hand van historische ontwikkelingen zien dat de woorden ‘bij de gratie Gods’ onderdeel vormen van onze identiteit. De democratie heeft volgens hem een extern referentiepunt nodig en begreep dat in een pluriforme samenleving niet iedereen dat in God vindt. Hij vroeg zich af of het natuurrecht daarvoor in de plaats kon komen. Hij refereerde daarbij aan de grote Nederlandse jurist Hugo de Groot (1583-1645). Als essentiële en bruikbare expressies van natuurrecht noemde Sap goede trouw en het nakomen van afspraken.

Aan het externe referentiepunt herkende Ganzevoort, zo begon hij zijn bijdrage ‘Religie als aanstootgevend relict. Hoe een neutrale overheid kan worstelen met een religieus verleden’, de rechtsfilosoof Ernst-Wolfgang Böckenförde (*1930). Ganzevoort vroeg zich af welke agenda er achter het voorstel van D66 zit. Vervolgens constateerde hij dat deze partij het kruit de verkeerde kant op schiet. Volgens hem, republikein, moet het debat niet over een al dan niet religieuze formulering in de Nederlandse wetten gaan, maar over de staatsvorm en het staatshoofd. Het moet z.i. niet gaan over de inhoud van de wet, maar over de positie van de koning.

Omdat het over D66 ging, was het prettig dat Marthe Hesselmans, wetenschappelijk medewerker van de Van Mierlostichting van D66 en religiewetenschapper, aanwezig was. Haar komst was gewenst en werd gewaardeerd. Aan de vooravond van het D66-congres 103 vond zij het de moeite waard naar de Vrijdagmiddaglezing te komen. De overige aanwezigen lieten evenzo van zich horen, met name over een al dan niet extern referentiepunt, limited governance, God en het schrappen of juist handhaven van de woorden ‘bij de gratie Gods’. Tegen het sluiten van het seminar verschoof het accent van ‘God’ naar ‘gratie’. Opeens bleek dat de aanwezigen zich konden vinden in de notie van ‘gratie’ in relatie tot limited governance. Daarop stelde Ganzevoort voor dat de woorden ‘bij de gratie Gods’ die oude papieren hebben, zoals Sap had aangetoond, in een pluriforme samenleving als de Nederlandse, eigenlijk verstaan dienen te worden als ‘in het besef van afhankelijkheid’.

Dr. Leon van den Broeke

voorzitter Centrum voor Religie en Recht

Vrije Universiteit Amsterdam

Op 28 en 29 april 2016 zal het Huygens ING in samenwerking met het VU-Centrum voor Religiegeschiedenis ReLiC een symposium houden in de Kloosterkerk van Den Haag naar aanleiding van het 200-jarig bestaan van het Algemeen Reglement van Bestuur van de Nederlandse Hervormde Kerk. Dr. C. van den Broeke, voorzitter van het Centrum voor Religie en Recht, zal tevens een bijdrage leveren aan dit symposium. Hij zal spreken over regionale (re)organisatie: over de classicale en provinciale kerbesturen voor en na 1816.

Achtergrond

Op 7 januari 1816 voerde koning Willem I een algemeen reglement in voor de Nederlandse Hervormde Kerk. Al vanaf 1795 werd steeds breder erkend dat de Gereformeerde Kerk verbetering van het interne functioneren behoefde. Ook moest zij financieel en organisatorisch worden aangepast aan de groei van de eenheidsstaat. Dit ging met horten en stoten, waarbij de overheid het voortouw nam in samenspel met een verbrokkelde en weinig initiatiefrijke kerk. Het resultaat was een reglement waarbij de staat in de geest van de Verlichting greep hield op de uiterlijke organisatie van de kerk, maar de inhoud van de leer niet wilde bepalen. Niettemin kreeg de kerk wel een plaats in de natievorming op basis van christelijke waarden en in de verheffing van het volk. Het reglement van 1816 heeft enkele decennia lang tamelijk probleemloos gefunctioneerd. Maar met de Afscheiding van 1834 begon de onvrede van orthodoxe stromingen binnen de Nederlandse Hervormde Kerk toe te nemen. Uiteindelijk kreeg het daar een zeer slechte naam en werd het de kop van Jut voor alle moeilijkheden. Deze beeldvorming is dringend aan herziening toe. Het congres wil hieraan een bijdrage leveren.

Afscheiding en Doleantie rechtvaardigden hun vertrek uit de hervormde kerk onder andere door achter het reglement terug te keren naar de tekst van de Dordtse kerkorde uit 1619. Deze zou de rechtzinnigheid hebben gewaarborgd. In de Nederlandse Hervormde Kerk zelf ontstond een beweging tegen het modernisme, waarin orthodoxen het reglement steeds meer gingen zien als een belemmering voor volwaardig, inhoudelijk kerk zijn als een getuigende geloofsgemeenschap in de samenleving. Pas in 1951 zou een nieuwe kerkorde worden ingevoerd die meer aan deze wensen voldeed.

Actueel

Sinds 2004 is de nieuwe kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland een feit. Onlangs werd ook begonnen met een bezinning over mogelijke reorganisatie van deze kerk in 2025. Onder invloed van de actualiteit heeft het denken over de verhouding tussen kerk en staat, tussen godsdienst en maatschappij, zich ook stormachtig ontwikkeld. Maar de fundamentele vragen en spanningen, die in 1816 al aan de orde waren, zijn gebleven. Kan daarbij nog iets worden geleerd van het succes en het falen van het reglement?

Praktische informatie

De kosten van het symposium bedragen € 25.‐ voor één dag, € 50.‐ voor twee dagen, ter plaatse te voldoen. Studenten kunnen zich aanmelden voor korting en krijgen daarover bericht. Het congres is als ‘open erkend aanbod’ opgenomen in het programma van de Permanente Educatie van de Protestantse Kerk in Nederland. Belangstellenden kunnen zich tot en met 20 april 2016 aanmelden via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Adres Kloosterkerk: Lange Voorhout 4, 2514 ED Den Haag

Meer informatie en het volledige programma vindt u hier.

De neutrale staat: is er ruimte voor het 'bij de gratie Gods'?

Op vrijdagmiddag 15 april organiseert het Centrum voor Religie en Recht een lezing over het thema 'De neutrale staat: is er ruimte voor het 'bij de gratie Gods'?'. Wetten beginnen steevast met de frase 'Wij, Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden...'. D66 heeft recent een voorstel gedaan om deze formulering te schrappen. De vermelding van het 'bij de gratie Gods' is volgens de indiener van het voorstel in strijd met de scheiding van kerk en staat. Het Centrum voor Religie en Recht wil inhaken op deze actualiteit en organiseert daarom deze lezing.

Prof. mr. Jan-Willem Sap, hoogleraar Europees recht aan de Open Universiteit en verbonden aan de VU, spreekt over 'Dank aan God voor de vrijheid'. De tweede spreker is prof. dr. Ruard Ganzevoort, hoogleraar praktische theologie en namens GroenLinks lid van de Eerste Kamer. Zijn bijdrage is getiteld: 'Religie als aanstootgevend relict. Hoe een neutrale overheid kan worstelen met een religieus verleden.'

De vrijdagmiddaglezing vindt plaats op de Vrije Universiteit (De Boelelaan 1105, Amsterdam) in zaal HG-06A32 (Hoofdgebouw, zesde verdieping, A-vleugel, zaal nummer 32). De lezing duurt van 15.00 - 17.00 uur met aansluitend een borrel. De Vrije Universiteit is uitstekend bereikbaar met de trein (NS-station Amsterdam Zuid), met tram 5, 16 en 24 en met metro 51 (halte de Boelelaan/VU). Opgave is wenselijk via het e-mailadres van dit Centrum (zie rechterkolom).

“Stel, iemand is veel op en langs het voetbalveld te vinden. Coacht een elftal. Fluit langs de lijn. Bestuurt de vereniging. Draait mee in de kantine. Is hij of zij dan ook een voetballer?” De zaal vol met asieladvocaten en andere juristen, predikanten, vrijwilligers, studenten en journalisten is even stil en denkt na. Mevrouw Ineke Schuurman, senior medewerker van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) heeft meteen de aandacht van het publiek. Ze legt als voetballiefhebber, hoewel geen voetballer, uit dat het ingewikkeld is om de oprechtheid van iemand te wegen. Het kerkbezoek nagaan is niet voldoende, er is meer nodig voor een goede toetsing. “Ook ik ben geen God.”

Over de geloofswaardigheid van bekeringsverhalen organiseerde het Centrum voor Religie en Recht op vrijdag 15 januari j.l. aan de Vrije Universiteit Amsterdam een symposium.. Hoe toets je deze verhalen op echtheid?. “Dit onderwerp laat duidelijk zien dat academische kennis van enorme waarde is voor het maatschappelijk middenveld en overheidsinstanties. De samenhang tussen theorie en praktijk komt duidelijk naar voren en is daarom bij uitstek geschikt als onderwerp voor het Centrum voor Religie en Recht,aldus Leon van den Broeke (directeur Centrum voor Religie en Recht, Vrije Universiteit Amsterdam). Actueel en relevant of niet, het onderwerp is ook complex. Dat blijkt al gelijk bij de start. Schuurman schetst dit aan de hand van de bovengenoemde metafoor van voetbal. Het verhaal van de asielzoeker wordt wel steeds belangrijker, omdat de geloofwaardigheid ervan het aannemelijk kan maken dat het niet veilig is om naar het land van herkomst terug te keren. In dat geval levert een geloofwaardig bekeringsverhaal een verblijfsvergunning op.

Joke van Saane (godsdienstpsychologe, Vrije Universiteit) ontwikkelt een wetenschappelijk verantwoord toetsingsmodel, waarmee ze de IND en asieladvocaten adviseert inzake asielaanvragen. Godsdienstsocioloog Hijme Stoffels plaatste enkele collegiale, maar kritische kanttekeningen bij het verhaal van Van Saane. Het is volgens hem niet mogelijk om op objectieve wijze te spreken over persoonlijke verhalen. Bekeringen zijn altijd een mix van sociale, economische en religieuze aspecten. Hij wijst er ook op dat gelovigen tegenwoordig hun eigen pakket geloof uit verschillende religieuse sferen bijeensprokkelen, multi religious beloning, oftewel ‘flexibel geloven’. Mensen blijven heen en weer pendelen tussen het oude en nieuwe geloof. Bovendien meent Stoffels dat het model van Van Saane geen rekening houdt met het gegeven dat ‘mensen gedurende hun leven verschillende stappen kunnen zetten, waarbij je van een conversion career zou kunnen spreken.” Hij wijst op de Franse filosoof Roger Garaudy (1913-2012) die atheïstisch was opgevoed en in zijn jeugd protestant was geworden. Na de Tweede Wereldoorlog werd hij actief in de communistische partij, was stalinist, en bekeerde zich tot het katholicisme. Zijn autobiografie eindigt met de indringende laatste zin Je suis chrétien – ik ben christen. Garaudy werd evenwel aan het einde van zijn leven moslim en ontkende de holocaust. Wat is bekering?, aldus Stoffels. Meest problematisch vindt hij dat een academicus onderscheid maakt tussen echte bekeringen en schijnbekeringen.

Indringend is de verschuiving die Hemme Battjes (hoogleraar migratierecht, Vrije Universiteit), aanbrengt in het debat. Hij stelt dat de centrale vraag niet die is naar de echtheid van bekering, maar naar de gegronde vrees voor mishandeling, detentie e.d.. Hij loopt met de bijna 100 aanwezigen een aantal arresten langs. Hij vergelijkt de rol van de forensisch arts en diens expertise op het terrein van het migratierecht, en geeft Van Saane de tip om te onderzoeken wat collega-wetenschappers in de wereld op dit punt doen.

Tijdens het symposium moet ik als dagvoorzitter denken aan die aloude kerkelijke regel: de intimis non iudicat ecclesia – over het innerlijk oordeelt de kerk niet. Hoe meet je een bekeringsverhaal op echtheid? Met een frequent bezoeker van onze symposia constateer ik dat zijn predikant ook aanwezig is. Nog nadenkend vertelt hij dat hij met hem de gemeenteleden zou willen laten nadenken over de echtheid van het eigen (geloofs)leven. Als het gaat om het uiterlijke aspect, religie in het publieke domein, en de (on)mogelijkheid van een verblijfsvergunning dan moet het bekeringsverhaal wel getoetst worden, aan de hand van een model als van Van Saane. Vandaar de titel van haar indringende bijdrage: “Bent u echt bekeerd?”

 

Leon van den Broeke (voorzitter Centrum voor Religie en Recht)
Dico Baars (masterstudent religie en recht, Vrije Universiteit)

Op vrijdag 15 januari 2016 organiseert het Centrum voor Religie en Recht een symposium over bekeringsverhalen van vluchtelingen. De laatste jaren is er een aanzienlijk aantal gerechtelijke uitspraken gedaan in asielprocedures, waarbij de vreemdeling stelde vervolging te vrezen in het land van herkomst vanwege bekering tot het christendom. De beoordeling van de geloofwaardigheid van de bekering is onderwerp van onderzoek én debat. Welke maatstaven en modellen zijn te gebruiken in het juridische proces? Hoe laten geloofsuitspraken zich toetsen?

Sprekers

Mevrouw Ineke Schuurman, werkzaam bij de Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND), zal vanuit de praktijk de huidige stand van zaken schetsen en de uitdagingen voor de toekomst schetsen. Prof. dr. Joke van Saane, godsdienstpsychologe, en prof. mr.  Hemme Battjes, hoogleraar migratierecht,  zullen vanuit respectievelijk een theologische en juridisch perspectief een bijdrage leveren aan het debat. Joke van Saane zal spreken over een wetenschappelijk verantwoord toetsingsmodel, dat gericht is op specifieke elementen die bij een bekering op een bepaalde manier met elkaar samenhangen. Hemme Battjes zal in zijn inleiding het beleid en de rechtspraak inzake bekeringen schetsen en een aantal omstreden kwesties benoemen. Prof. dr. Hijme Stoffels, godsdienstsocioloog, zal een kritische reflectie verzorgen.

Opgave

Professionals, beleidsmakers, advocaten, juristen, predikanten, onderzoekers, studenten en andere geïnteresseerden kunnen zich opgeven via deze link.

Deelname aan dit symposium kost 25 euro (inclusief consumpties, netwerkborrel en congresmap). Van advocaten en andere professionals die in het kader van de verplichte nascholing in aanmerking komen voor punten, wordt een bijdrage van 75 euro gevraagd. Een certificaat, conform de normen van de NOvA, wordt dan aan het einde van het symposium uitgereikt, waarna er beoordeeld kan worden of het symposium de vakbekwaamheid bevordert en aldus PO-punten oplevert. Studenten kunnen, op vertoon van hun collegekaart, gratis deelnemen aan het symposium.

Meer informatie

Het symposium vindt plaats op vrijdag 15 januari 2016, begint om 14.30 uur (inloop om 14.00 uur) en duurt tot 17.00 uur, waarna er een netwerkborrel wordt georganiseerd. Locatie is de Vrije Universiteit in Amsterdam, zaal 14A00 (14e verdieping, A-vleugel, zaalnummer 00). Let op: het symposium vindt niet plaats in 02A33 (vanwege de stijging in het aantal aanmeldingen). De Vrije Universiteit is uitstekend bereikbaar met de trein (station Amsterdam Zuid), met tram 5, 16 en 24 en met metro 51 (halte de Boelelaan/VU).

Contactgegevens

Centrum voor
Religie en Recht


De Boelelaan 1105
2E-vleugel
1081 HV Amsterdam
e-mail: info@religie-recht.nl

fotoccr